Waarom materiaaldikte belangrijk is bij het maken van pockethole verbindingen

Waarom materiaaldikte belangrijk is bij het maken van pockethole verbindingen

Er zijn veel redenen om Pocket-Hole houtverbindingen is te gebruiken. Onder andere is het snel en gemakkelijk. Er is niet heel veel gereedschappen nodig. Ook de techniek is gemakkelijk om onder de knie te krijgen. Het gebruik van van de pocket-hole mal is dan ook verrassend eenvoudig.

Het draait  eigenlijk alleen maar om de dikte van het materiaal dat je gebruikt. De materiaaldikte zal alles vertellen wat u moet weten. Zoals instellingen van de mal ,  de boordiepte voor de boor en welke lengteschroef u moet gebruiken.

Die dingen samen zorgen voor de sterkst mogelijke pockethole hout verbinding.

Stap 1. bepaal materiaaldikte

De eenvoudigste manier om de dikte van uw materiaal te controleren, is door bijvoorbeeld de Kreg materiaaldiktemeter te gebruiken. Deze zit elke nieuwe Kreg 300-, 500- en 700-serie Pocket-Hole Mal, maar is ook los verkrijgbaar. De materiaaldiktemeter is eenvoudig in gebruik. Houd het gewoon langs de rand van uw materiaal en u kunt zien welke diktenummers op één lijn liggen.

Je ziet drie diktes: 1/2″ (12mm), 3/4″ (19mm), 1 1/2″ (38mm). Dat zijn de 3 meest voorkomende diktes van houten planken en multiplex die worden verkocht. De diktes staan gedrukt tussen de inkepingen op de dikte meter. Zolang uw materiaal overal binnen het bereik op één lijn ligt, kunt u de bijbehorende dikte gebruiken. Je hoeft niet precies te zijn. Er is ook een bereik dat wordt weergegeven met een kleine letter “i” voor materialen die dikker zijn dan het 3/4″ indicatie, maar niet zo dik als het 1 1/2″ indicatie. De “i” geeft aan dat u meer informatie over dat dikte-indicatie kunt vinden in uw gebruikershandleiding.

Hier zijn de materiaaldikte indicaties voor elk bereik op de meter:

  • 12mm indicatie (½)= 11mm – 16mm dik
  • 19mm indicatie (¾)= 16mm – 22mm dik
  • “i” indicatie = 22mm – 33mm dik
  • 38mm indicatie (1 ½) = 33mm of dikker

Stap 2. Gebruik de gevonden dikte om de Pocket-Hole Jig in te stellen

Zodra de dikte van het materiaal bekent is, is het moeilijke deel van het opzetten van een Pocket-hole mal gedaan. Vanaf nu hoeft alleen de mal en het boorbit nog afgestemd te worden op de dikte van te materiaal.

Nu komen de onderlinge verschillen per merk / mal naar boven. Er zijn mallen waar de 3 diktes (12mm, 19mm en 38mm) zijn voor ingesteld. Hier hoef de mal dan alleen maar toe worden ingesteld. Andere moet de diepte ingesteld worden aan de hand van de gevonden diepte. Dit kan op de exacte diepte bij mallen met een millimeter indicatie. Weer andere passen zich automatisch aan, aan de dikte van het materiaal.

Stap 3. Gebruik de gevonden dikte om de boorbit diepte in te stellen:

Welke van de mallen u ook gebruikt, het wordt voor elke mal op  dezelfde wijze gedaan.

Bij bepaalde boorbits zijn de standaard dieptes ingegraveerd. Plaats het gat over het cijfer dat overeenkomt met de dikte en schroef de ring vast. Wanneer de diepte niet op de bit staat, moet er terug gevallen worden een andere manier. Het kan zijn dat op de mal een indicatie voor de boor staat als dat het geval is kan daar gebruik van gemaakt worden. Mocht die er niet zijn, dan kan de boor ook in de voor ingestelde mal gestoken worden. Leg bijvoorbeeld een muntje,  onder de punt van boorbit en schroef de ring vast. Het kan in sommige gevallen noodzakelijk zijn om 2 muntjes of iets dergelijks onder de punt te leggen. Maar hier komt u snel genoeg achter.

Stap 4.Boren maar…

Nadat alles is ingesteld (en gecontroleerd) bent u klaar om te boren. Of er nu één gaatje geboord moet worden of honderd, de instellingen blijven het zelfde. Dat betekent dat je niets hoeft te veranderen totdat je overgaat op andere diktes van materiaal.  

5. Nu alleen de juiste pockethole schroef nog selecteren

Nu alle pockethole gaten zijn gemaakt, is het tijd om verder te gaan met de montage van het project. Hiervoor zijn speciale pockethole schroeven nodig.

De 4 belangrijke kenmerken zijn:

  • Brede vlakke kop, zodat de ze niet door de gaten heen trekt
  • Grof of fijndraad. Grof voor zachthout en multiplex. Fijndraad voor hardhout
  • Zelf tappend. De schroeven zitten vaak aan de rand van het hout. Het aanliggende stuk hout is niet voorgeboord en zal dus gaan splijten.
  • De gladde bovenkant om de 2 aanliggende stukken hout aan elkaar te rekken.

U kunt de onderstaande informatie gebruiken om de juiste lengte voor de meeste toepassingen te vinden. En u vindt een tabel voor het selecteren van de juiste schroeflengte in uw  gebruikershandleiding.  Hier een overzicht

  • 12mm indicatie onderkant =  19mm schroef (¾”)
  • 12 mm indicatie bovenkant = 25mm  schroef  (1″)
  • 19mm  indicatie = 32mm schroef  (1¼”)
  • “i” indicatie  =  38 mm (1 ½″) of 51mm (2”) afhankelijk van het type boormal dat word gebruikt
  •  1 ½″ indicatie = 64mm schroef (2 ½″)

Naast deze tabel zijn er ook online schroefselectie programma’s en verschillende Apps beschikbaar.

Lees ook eens het artikel over Pockethole verbindigen, mooi maar hoe zit het eigenlijk voor meer informatie over de verbinding.

Deel de informatie